Eten en drinken

Non: het brood van Oezbekistan

Op elke tafel in Oezbekistan ligt brood, ook als er verder nog niets besteld is. Het heet non (in het Russisch lepyoshka), het is rond, het wordt gebroken en niet gesneden, en het wordt met een respect behandeld dat verder gaat dan etiquette. Wie begrijpt hoe non gebakken en behandeld wordt, begrijpt een flink stuk van de Oezbeekse omgangsvormen.

Hoe het gebakken wordt

Non gaat in de tandoor, een lemen oven in de vorm van een omgekeerde amfora, gestookt met hout of gas tot de wanden gloeien. De bakker maakt de onderkant van de platte deegschijf nat, legt hem op een kussen en slaat hem met een snelle beweging tegen de binnenwand van de oven, waar hij blijft plakken. Binnen enkele minuten is het brood gaar; het laat vanzelf los en wordt met een haak opgevangen. Die directe hitte geeft de bruine blaasjes en de licht rokerige smaak die je in een gewone oven niet krijgt.

De vorm is functioneel. De rand is dik en luchtig, het midden is dun en plat. Dat platte midden wordt gemaakt met een chekich, een stempel van hout met een bosje spijkers of pennen: hij prikt het deeg in het midden vol gaatjes zodat het daar niet rijst, en drukt tegelijk het decoratieve patroon in dat elke bakker als handtekening gebruikt. Rond het patroon komt sesamzaad of nigella (zwart komijnzaad). Sommige bakkers hebben tientallen stempels met eigen motieven.

Regionale stijlen

De ongeschreven regels

Rond brood bestaat een set gewoontes die je overal tegenkomt en waar je je gemakkelijk aan kunt houden:

Kopen en herkennen

Je koopt non per stuk, op de bazaar bij de broodrijen of bij een tandoor in de wijk. Reken op een bedrag in de orde van 3.000 tot 8.000 som per brood, ongeveer € 0,25 tot € 0,70; sierlijke Samarkandse exemplaren en patyr liggen hoger. Op de Siyob-bazaar in Samarkand staan de broodverkoopsters met torens non naast elkaar, en daar kun je gerust vragen welke vandaag gebakken is.

Vers herken je aan het gewicht en het geluid: een vers brood is warm of lauw, veert licht terug als je op de rand drukt en klinkt hol als je erop tikt. De onderkant hoort licht dof en melig te zijn van het bakproces, niet hard als een plank. Ruikt het naar rook en gebrand meel, dan komt het uit een echte tandoor. Bewaar het in een doek of papier, nooit in plastic — daar wordt het taai van.

Uit dezelfde tandoor komt ook de samsa, en bij plov hoort non net zo vanzelfsprekend als thee. Het volledige overzicht staat op de hub eten en drinken in Oezbekistan.

Wil je een Samarkand-non mee naar huis nemen: laat hem goed uitdrogen, wikkel hem in papier en leg hem plat in je koffer. Hij overleeft de reis makkelijk.